zondag 11 november 2018

Kunst is magisch


Kunst is magisch. Uit onderzoek blijft dat kunst onder andere je motorische schors stimuleert, het gedeelte van je hersenen dat de bewegingen van je lichaam aanstuurt. Kijk je naar een kunstwerk, dan zie of ervaar je het niet alleen met je ogen of met je hersenen, maar met je hele lichaam. Elke vezel van je wezen (je zintuigen, je intellect, je emoties, je fysieke verschijning) reageert op een kunstwerk. Kunst trekt als een bliksemschicht door je heen.

En er is meer magie: uit onderzoek is gebleken dat het kijken naar landschapsschilderijen, vooral zeezichten, niet alleen stress vermindert, maar zelfs het herstel na een operatie kan versnellen. Het verband tussen creativiteit (vooral het maken van kunst) en geluk is ruimschoots aangetoond.

Maar ook dat is nog niet alles: kunst opent je de ogen voor drie uiterst belangrijke werkelijkheden. Al ga je maar een van die drie zien, dan kun je daardoor al een gelukkiger mens worden. Met zijn drieën vormen ze een bedwelmende gelukscocktail:
  • De werkelijkheid van de wereld
  • De werkelijkheid van andere mensen
  • De werkelijkheid van jezelf
Bovenstaande tekst komt uit ‘Kunst maakt gelukkig’ van Bridget Watson Payne. Je zult begrijpen dat ik het roerend eens ben met deze schrijfster, omdat ik steeds weer het bewijs zie in de kunstzinnige therapie:
  • Zoals de patiënt die door het tekenen van de bloem de bloem ook ging ruiken. Dit terwijl ze (door haar isolatiekamer) al weken geen enkele bloem gezien, laat staan geroken had. 
  • Of de cliënt die door een klein passe-partout haar blik over haar werkstuk liet gaan en toen fysiek ging trillen en tot tranen toe geroerd raakte.
  • Of de cliënt die zijn werk van een andere kant bekeek en daardoor tot inzicht kwam wat zijn probleem was.
  • Ook de zeezichten komen veelvuldig voor als ik in het ziekenhuis werk: ik zie letterlijk dat patiënten ontspannen, zich op het strand wanen en de zon al kunnen voelen; de klinische setting valt weg, we zijn in onze verbeeldingskracht echt op een andere plaats.
  • Hoe mooi is het ook om samen naar kunst te kijken, daarover in gesprek te gaan en elkaar zo te leren kennen. Ook dat kan met kunstzinnige therapie; een groep van gelijkgestemden is het prettigst, zodat je je veilig voelt om te zeggen wat je ziet en wat je voelt.
Kunst is magisch, ik ben blij dat ik een stukje van deze magie mag overbrengen in de kunstzinnige therapie!

Zin in zo'n gelukscocktail? Benieuwd wat kunst voor jou kan betekenen? Kom eens kennismaken in de praktijk aan de rotte, nabij Rotterdam/Lansingerland.

 
Yvonne Peschier
kunstzinnig vaktherapeut beeldend/ VTS-coach
www.kunstzinnigetherapie.info 
yvonne@kunstzinnigetherapie.info

maandag 14 mei 2018

Kunst op recept


Mijn praktijk voor kunstzinnige therapie bestaat nu al ruim 6 jaar en in die jaren heb ik cliënten (van jong tot oud) begeleid bij hun hulpvraag. De meeste mensen kiezen heel bewust voor deze therapie, omdat de nadruk ligt op doen en ervaren en minder op denken en praten. Bij kinderen kan je zelfs zeggen dat het spelenderwijs leren is; ze ontwikkelen zich in een recordtempo vaak zonder het zelf te beseffen. Over de effecten van de therapie schrijf ik regelmatig. Maar wat kun je verwachten van het therapeutisch proces? Wat vraagt het van de ouders/ naasten? Welke bijwerkingen kun je verwachten? Ik vertel er meer over in deze blog.

Bij het intakegesprek wordt de hulpvraag (het probleem) besproken. Waar heb je last van? Wat is de aanleiding voor de therapie? Maar ook: vertel eens over je leven tot nu toe; waren er bijzonderheden bij de zwangerschap, de geboorte, de eerste jaren? Wat is de gezinssamenstelling? Hoe gaat het op school/ op werk? Zijn er bepaalde ziektes/ allergieën? Alles wat van belang kan zijn voor de hulpvraag/ het therapiedoel wordt besproken. Zo’n gesprek kan veel losmaken; vaak blijf je er nog over nadenken na het gesprek. Mogelijk maakt het je onrustig, droom je erover. Het komt voor dat ik met de ouders vaak eerst een (telefonische) uitgebreide intake heb en later nog een korte kennismaking met het kind erbij. Dit laatste doen we als we denken dat het voor het kind niet goed is zich bewust te worden van het probleem, de hulpvraag en de opvallende momenten in de biografie.

De volgende fase in het therapeutisch proces is de diagnostische fase, waarbij je actief aan de slag gaat. Een (of meer) vrije schildering(en) met de nat-in-nat-techniek staat/staan altijd op het programma. Voor veel mensen (in mijn praktijk) is dit een onbekende techniek en stappen ze er daardoor onbevangen in. Naast het nat-in-nat-schilderen werk ik ook met specifieke tekenopdrachten (bij kinderen). Ik doe zelf niet mee, omdat ik je niet wil beïnvloeden maar jou wil leren kennen. Dit kan ongemakkelijk voelen, omdat je je mogelijk bekeken voelt. Tijdens het schilderen/ tekenen/ boetseren (en/of na afloop) stel ik ook vragen, puur gericht om je beter te leren kennen. Bij volwassenen gaan we in gesprek over het beeld wat ontstaan is en komen we samen tot inzicht. Bij kinderen stel ik minder vragen, omdat het voor kinderen niet altijd goed is zich bewust te worden van de betekenis van het beeld. Deze fase zet de deur naar de gevoelswereld open en dat is vaak nogal onwennig. Ik hoor regelmatig terug dat kinderen zich thuis afreageren op de ouders. Van meerdere volwassenen hoor ik terug dat ze plotseling worden overvallen door een huilbui. Ook het dromen (soms zelfs nachtmerries) en het herinneren van nare gebeurtenissen (die je had weggestopt) kan in deze fase naar boven komen. Belangrijk is dat je mensen om je heen hebt, waar je je verhaal kwijt kan. En voor kinderen: dat de ouders begrip hebben voor de gevoelens en veilige kaders bieden. Nog een tip: geef jezelf wat tijd en ruimte na de sessie voordat je weer de drukte in gaat. 

Het therapieplan bespreek ik bij volwassenen met de cliënt zelf, bij scholieren met ouder(s) en kind en bij kinderen alleen met de ouders. We bespreken wat duidelijk is geworden in de diagnostische fase (en het intakegesprek) en waar we ons op gaan richten in de therapie. Soms is dit het moment dat ouder(s) nog iets meer vertellen over het kind, bijvoorbeeld omdat de tekening/schildering daar aanleiding voor geeft of omdat er iets losgekomen is thuis of op school. Het gesprek is een moment van afstemming: hebben we het kind goed in beeld, staan de neuzen dezelfde kant op, kan thuis/ op school ingespeeld worden op dat wat het kind nodig heeft gedurende het traject? Het gesprek kan een moment zijn van opluchting en erkenning, maar vooral van inzicht.

Vervolgens starten we het therapeutisch proces en werken we volgens het plan. Vaak meerdere keren achter elkaar met dezelfde techniek (en een iets andere opdracht), omdat je dan een stuk verdieping kunt pakken. Ik geef behoorlijk wat sturing en let b.v. op je zithouding, ademhaling en werktempo. Maar ook op technische aspecten en stuur daarin bij. Ik maak daarbij gebruik van de therapeutische werking van kleur, vorm, beweging en materiaal. Kunst als medicijn dus! Vaak doe ik mee, zodat je mij kunt volgen (zonder al te veel te hoeven nadenken) of juist ziet hoe het ook kan (en dit tot inzicht leidt voor je eigen proces). Je komt jezelf tegen gedurende het proces, zult weerstand merken bij sommige materialen/ opdrachten of (bij kinderen) omdat ik niet vertel wat we gaan doen, maar je je stapje voor stapje moet laten leiden. Dit vraagt vertrouwen en doorzettingsvermogen. Uiteraard moedig ik je aan, bied ik je veiligheid om te zijn wie je bent en benoem ik (indien nodig) dat het gaat om het proces, niet om het resultaat. Van de naasten vraagt dit ook dat zij met je spreken over het proces ‘hoe heb je het gemaakt, vertel eens of hoe wat het om te doen?’ en dus niet over het resultaat ‘wat heb je getekend of wat mooi’. Ik heb hier wel eens eerder over geschreven, zie de blog 'tijd om je innerlijk kind wakker te maken'Verwacht in deze fase niet te snel resultaat, een nieuwe ontwikkeling/ gewoonte heeft tijd nodig om eigen te worden. Het is geen pilletje wat je erin stopt en wat na een korte tijd begint met werken. Het is een ontwikkeling van binnenuit die tijd nodig heeft, maar dan wel vaak blijvend resultaat geeft.

Tot slot: we ronden het traject af door al het werk uit te leggen en met elkaar het proces te bekijken. Bij kinderen is dit vaak een moment waarop ze aan de andere gezinsleden hun werkstukken presenteren. Vaak wordt het een klein feestje en wordt er geapplaudisseerd en gecomplimenteerd. Doel is dat we bewust worden van alle ontwikkelingen die in gang zijn gezet en wat nodig is om dit na de therapie te behouden. Vaak vertellen de ouders dat ze hun kind anders benaderen dan voorheen. Of we horen terug van school dat ook daar positieve ontwikkelingen zichtbaar zijn geworden. Lees meer over de effecten van de therapie in de blog 'kunstzinnige therapie brengt kinderen spelenderwijs in balans'. In het traject voor volwassenen is dit ook een belangrijk moment, omdat het proces weer even helemaal in beeld komt en de verschillen tussen de werkstukken duidelijk worden. Volwassenen benoemen bij deze afronding hoe zij hetgeen ze geleerd hebben in de dagelijkse praktijk toepassen en welke tips ze voor zichzelf hebben. Het kindertraject wordt met een verslag afgerond, voor volwassenen kan dit, indien gewenst, ook geschreven worden.

En dan… een sprong in het diepe??? Dat hoeft natuurlijk niet. Kinderen hebben hun ouders en de leerkrachten om hun te coachen na het traject. Volwassenen hebben vaak ook zo hun hulptroepen ingeschakeld (gedurende het proces) en kunnen daar na afronding ook dikwijls op terugvallen. Bij volwassenen is het tevens ook zo dat de sessies gedurende het traject vaak met langere tussenpozen worden gepland. Sommige volwassenen blijven in therapie, bijvoorbeeld bij chronische hulpvragen als een soort ‘onderhoudssessie’. Soms komt een kind of volwassene weer terug voor een aantal opfrissessies of bij een nieuwe hulpvraag. En dikwijls zie je dat er in de thuissituatie een creatieve stroom op gang is gekomen. Deze fase vraagt oplettendheid: af en toe eens naar jezelf kijken of het nog gaat zoals het ging toen de therapie werd afgerond en of het nog lukt de tips in de praktijk toe te passen. En, tijdig de hulptroepen in te schakelen wanneer nodig.

Kunstzinnige therapie, een prachtig medicijn, maar wees je ook bewust van de bijwerkingen* en randvoorwaarden**. Er komt heel wat bij kijken en het vraagt ook heel wat van jou en (hoe jonger je bent) de mensen om je heen. Kies dus bewust voor kunstzinnige therapie en laat je verrassen door de mooie manier van werken en de inzichten die je daarna weer meeneemt op je verdere pad!

*De bijwerkingen komen niet bij alle cliënten (in dezelfde mate) voor, het verschilt per persoon.
** De randvoorwaarden zijn ook niet voor alle cliënten van toepassing, ook dit verschilt per persoon. 
 
Yvonne Peschier
kunstzinnig vaktherapeut beeldend/ VTS-coach
www.kunstzinnigetherapie.info 
yvonne@kunstzinnigetherapie.info

maandag 2 april 2018

Slow Art

Als je een museum bezoekt, wil je dan zoveel mogelijk zien? Lees je alle bordjes, volg je routes en maak je overal foto's van? Weet je dan aan het einde van je bezoek nog wat je gezien hebt? Kan je wat je gezien hebt, in beelden zo voor je zien? En hoe voel je je na zo’n museumbezoek? Is je hoofd dan helemaal vol en moet je echt even bijkomen? Dan heb ik voor jou het ideale recept voor je museumbezoek: Slow Art!

Het recept: doseren en de tijd nemen; beperk je slechts tot enkele kunstwerken, neem de tijd om aandachtig te kijken en ga er ter plekke met elkaar over in gesprek. Vragen die je kunt stellen:
  • Wat gebeurt er op deze afbeelding?
  • Waar zie je dat aan?
  • Wat kunnen we nog meer ontdekken?
Komen deze vragen je bekend voor? Dat kan, want ik schreef er al eerder een blog over:  'De kunst van het kijken’. Toen ging mijn boodschap met name over de hersengebieden die geactiveerd worden door Visual Thinking Strategies, de kunstkijkmethode waar deze vragen uitkomen. Nu gaat mijn boodschap over doseren en aandacht, een mooi streven in deze prikkelrijke tijd. 

Doseren: maak een keuze welke kunstwerken je wilt bekijken. Dat zou je vooraf kunnen doen, b.v. gericht naar een bepaalde tentoonstelling, maar ook per zaal. Kijk welk kunstwerk je aanspreekt en geef dat alle aandacht. Als er een mogelijkheid is te zitten, maak er gebruik van. Dan wordt het makkelijker de tijd te nemen.

Aandacht: kijk aandachtig naar het kunstwerk, stel elkaar bovenstaande vragen en (heel belangrijk) laat het lezen van dat bordje nog even achterwege. Je zou een schets kunnen maken, zelf een titel of klein verhaaltje kunnen bedenken. Hoe zou het zijn als je een van de figuren was in het kunstwerk? Stel dat het kunstwerk een fotomoment zou zijn, wat zou er hiervoor of hierna gebeuren? Hoe zou het gemaakt zijn? Zie je bepaalde symboliek? Heeft de kunstenaar een boodschap door willen geven?

Als je aan het einde van je museumbezoek het jammer vindt dat je niet alles gezien hebt, kom dan nog eens terug. Maak dan opnieuw keuzes wat je wilt zien en neem weer de tijd en aandacht voor de kunstwerken. Je kunt veel kunstwerken ook online vinden, dus ook thuis kun je Slow Art doen. Denk ook aan kunstboeken, prentenboeken of kunstkaarten.

Slow Art, oftewel kunst kijken met aandacht; er komt langzaam maar zeker steeds meer aandacht voor. Zo heb ik laatst in een Alzheimercafé* in Rotterdam jonge mensen met dementie en hun mantelzorgers kennis laten maken met Slow Art. Het zette de deelnemers aan het denken:

  • “We gaan regelmatig samen naar het museum, wat een goed idee om met elkaar in gesprek te gaan over wat we zien.”
  • “We hebben een kast vol kunstboeken, dit gaan we thuis zeker doen.”
  • “Dit kan ook met foto’s van vroeger, foto’s van sport of nieuwsfoto’s.”
  • “We gaan dit ook toepassen bij de dagbesteding.”


Slow Art heeft zelfs een speciale dag: zaterdag 14 april 2018. Op de website www.slowartday.com/ vind je meer informatie en zie je welke (Nederlandse) musea meedoen aan dit evenement. Heb je te maken met dementie: kijk dan eens op www.onvergetelijkmuseum.nl/. En je kunt natuurlijk ook altijd contact opnemen met een  beeldend vaktherapeut**. 

*De avond in het Alzheimercafé stond in het kader van ‘Prikkelverwerking’. Florence Remijn (GZ- en neuropsycholoog) en ik hebben de deelnemers informatie gegeven over prikkelverwerking, overpikkeling/ onderprikkeling en kennis laten maken met Slow Art.
**Slow Art kan heel goed ingezet worden binnen het therapeutisch behandeltraject. Verschillende doelgroepen kunnen er baat bij hebben, denk b.v. ook aan mensen met autisme, concentratieproblemen, NAH (niet aangeboren hersenletsel) of burn-out.

Yvonne Peschier
kunstzinnig vaktherapeut beeldend/ VTS-coach
www.kunstzinnigetherapie.info
yvonne@kunstzinnigetherapie.info

maandag 12 maart 2018

Huisdieren aan het ziekenhuisbed

Het mooiste moment is als de tekening van een afstandje wordt opgehouden en het baasje zijn trouwe maatje in de ogen kijkt: ontroering en een enorme dankbaarheid!

Huisdieren, wat komen ze vaak ter sprake in het ziekenhuis. In tijden van ziekte kunnen ze zoveel troost en steun bieden, maar door de behandeling zijn het baasje en zijn/ haar maatje weken, soms zelfs maanden gescheiden.

Hoe mooi is het dan als er iemand aan je bed komt met een doos pastelkrijt en zegt: "We gaan je maatje tekenen!" Tijdens het tekenen vertellen de baasjes vol enthousiasme over hun trouwe viervoeter. Stapje voor stapje wordt de karakteristiek gepakt met kleur, vorm en beweging en komt het beestje steeds meer tot leven.

Niet alle patiënten zijn fysiek in staat mee te tekenen, maar meekijken kan altijd. Door het stapje voor stapje tekenen, is het proces in alle rust goed te volgen en wordt de patiënt als het ware in de tekening gezogen. Het mooiste moment is als de tekening van een afstandje wordt opgehouden en het baasje zijn trouwe maatje in de ogen kijkt: ontroering en een enorme dankbaarheid!

Vele huisdieren hebben zo al een plekje naast het ziekenhuisbed ingenomen en geven de patiënt morele support op weg naar herstel. En de gesprekken aan het bed met andere zorgverleners gaan vanaf dat moment natuurlijk ook over het trouwe maatje. Hoe fijn is dat?!

Ik ben benieuwd wat het volgende huisdier wordt wat ik mag pakken met mijn doosje pastelkrijt...
Yvonne Peschier
kunstzinnig vaktherapeut beeldend
www.kunstzinnigetherapie.info
yvonne@kunstzinnigetherapie.info

donderdag 8 februari 2018

Lieve ik,

'Terwijl ze haar zojuist geschreven brief aan zichzelf hardop voorlas, brak haar stem en rolden de tranen over haar wangen. Haar eigen woorden hadden haar geraakt. Haar eigen woorden vol warmte, empathie en liefde…"

In mijn praktijk ontvang ik naast kinderen ook veel volwassenen. Naast de problematiek die de aanleiding vormt om de therapie te starten, komt vaak nog meer problematiek naar boven. Problematiek uit de jeugd, zoals een onveilige band tussen ouder en kind. Problematiek naar aanleiding van een specifieke gebeurtenis, zoals het (plotseling) overlijden van een ouder, broertje of zusje. Problematiek door een plotselinge, heftige gebeurtenis, zoals een ongeluk. Problematiek door situaties van verlies in welke vorm dan ook.

De volwassenen die in mijn praktijk komen, lopen vast in hun werk, zien op tegen de feestdagen of ze bevinden zich in een levensfase waarin verandering een rol speelt. Zo’n situatie kan veel van je vragen, zowel fysiek (zoals vermoeidheid of hormonale veranderingen) als mentaal (bijvoorbeeld stress, neerslachtigheid of piekeren). Veelal spelen ook ongezonde gewoontes een rol, zoals eetbuien, roken, drinken, enorm veel feesten of te hard werken.

In de kunstzinnige therapie staan we bewust stil, is er aandacht voor het hier en nu, is er aandacht voor wie je vroeger was, wat je toen nodig had en wat je nu nodig hebt. Via de beeldende middelen gaan we met deze thema’s aan de slag. Spreken we het kleine meisje of jongetje aan in de volwassene van nu en bieden we (via kleur, vorm en beweging) wat nodig is om te helen. Zo’n beeldend therapeutisch proces maakt veel los, waardoor ook tussen de sessies door het proces doorgaat en invloed heeft op andere situaties in het leven van nu.

Naast de non-verbale opdrachten, gaan we vaak ook aan de slag met woorden. Denk bijvoorbeeld aan het geven van een titel of quote voor het (intuïtief) ontstane werk. De woorden worden bewust op het werkstuk geschreven, soms klein in een hoekje, maar soms ook met sierletters wat meer centraal. De tekst is een belangrijke toevoeging voor het gecreëerde werkstuk. Want door woorden te geven aan dat wat op een gevoelslaag is ontstaan, wordt het bewustzijn aangesproken.

Daarnaast laat ik sommige volwassenen ook een brief schrijven, een brief aan zichzelf. In de brief laat ik ze schrijven wat ze tegen een ander zouden zeggen als die in een situatie zou zitten als waar zij zich bevinden. Door net te doen of het een ander betreft, lukt het vaak beter om afstand te nemen van de situatie en, zo blijkt dikwijls, ook veel positiever te schrijven.

Na afloop laat ik ze de brief hardop voorlezen en dan gebeurt het: dan klinken liefdevolle woorden en zorgzame adviezen vol positiviteit en warmte. Dan wordt een verbinding gelegd tussen gevoel en bewustzijn en klinkt wat nodig is om te helen: “Terwijl ze haar zojuist geschreven brief aan zichzelf hardop voorlas, brak haar stem en rolden de tranen over haar wangen. Haar eigen woorden hadden haar geraakt. Haar eigen woorden vol warmte, empathie en liefde…”



Yvonne Peschier
kunstzinnig vaktherapeut beeldend
www.kunstzinnigetherapie.info
yvonne@kunstzinnigetherapie.info

maandag 15 januari 2018

Het tekendagboek

Soms geef je wel eens een tip die achteraf goud blijkt te zijn. Ook dit was er zo één. Nooit gedacht dat die ene tip zoveel in beweging zou brengen.

Ze was zoekende naar ritme en balans. Sommige dagen zat ze behoorlijk in de plus, pakte ze daardoor van alles op, maar miste ze de concentratie en rust om het af te maken. Andere dagen zat ze behoorlijk in de min en kwam ze niet of nauwelijks in beweging. Toen ik haar voorstelde een tekendagboek te beginnen, reageerde ze (zoals altijd) enthousiast. We praatten nog wat door over het idee 'tekendagboek' en lieten het daarna los, omdat het iets was voor thuis.

De keer erna (ze komt eens per 3 weken) had ze haar tekendagboek meegenomen en vertelde ze enthousiast: "Ik teken elke avond rond een vast tijdstip. Soms teken ik hoe ik me voel en schrijf ik er wat kreten bij, soms teken ik wat ik gedaan heb die dag en een andere keer kijk ik of ik iets kan natekenen. Ik doe het echt voor mezelf, dus het hoeft niet mooi te worden. Als mijn hoofd zó vol zit of juist heel leeg is, laat ik de bladzijde leeg en noteer ik later nog wel de datum op de lege bladzijde." We bladerden samen door het boekje heen en bespraken zo hoe de afgelopen periode was geweest. Ik kon zien dat ze heel gedisciplineerd werkte in haar tekendagboek en ook het tekenplezier straalde er vanaf. De dagen dat het zwaarder was, zag je dat ook terug in de tekeningen. Terwijl die dagen openvielen, reageerde ze zowel verbaal als non-verbaal wat laconiek: "Ja, toen ging het ff niet zo goed, nou ja dat ziet er dan zo uit." Zou ze doorhebben hoe belangrijk dit is? Het gevoel kreeg de ruimte, mocht er zijn. Ook de lege bladzijden (met alleen de datum) bevestigen het gevoel van acceptatie. (Het is wat het is.) "Ja en soms zit ik maar te malen, nou dan zoek ik een grappig plaatje op en teken ik dat na," vulde ze nog aan. Zou ze doorhebben hoe belangrijk dit is? Dat je door natekenen even los kunt komen van je eigen gedachten, omdat je je zo moet focussen op iets anders? Dat je, door het natekenen, ook weer beter gaat waarnemen wat je tevens kan helpen met het relativeren van gedachten die met je aan de haal kunnen gaan?

Inmiddels is ze in haar 4e of misschien al 5e tekendagboek bezig. Ze lijkt hiermee een ritme en balans te hebben gevonden en het mooie is: ze doet het helemaal zelf! 

Het tekendagboek, een gouden tip voor deze cliënt en vast niet voor haar alleen; probeer het ook eens, het is niet alleen leuk om te doen, het helpt je ook de dag los te laten waardoor je misschien (net als deze cliënt) ook wel beter slaapt. 


Yvonne Peschier
kunstzinnig vaktherapeut beeldend
www.kunstzinnigetherapie.info 
yvonne@kunstzinnigetherapie.info

dinsdag 5 december 2017

De kunst van het versterken van gezondheid

Als je gevraagd wordt of je gezond bent, wat antwoord je dan? Heb je bij het beantwoorden van je vraag je fysieke, geestelijke en sociale toestand afgewogen en daarbij gekeken naar de aan- of afwezigheid van ziektes en gebreken? Of heb je breder gekeken en naast je klachten ook je krachten meegenomen en naar je gezondheid gekeken als vermogen om je aan te passen en je eigen regie te voeren bij de sociale, fysieke en emotionele uitdagingen van het leven?

In mijn eigen praktijk heb ik cliënten met allerlei klachten en hulpvragen in behandeling:  van spanning en stress gerelateerde klachten tot rouwproblematiek door het verlies van gezondheid, werk of dierbaren in de naaste omgeving. In de kunstzinnige therapie wordt niet specifiek ingezoomd op deze klachten, maar worden ze meegenomen in het totale beeld van de mens. Wie is deze mens? Wat heeft iemand nodig? Welke kunstzinnige oefening past daarbij? Dit beeld wordt duidelijker als de cliënt ‘in gesprek gaat’ met de kunstzinnige middelen en naar buiten komt wat (meestal onbewust) in iemand leeft. Het beeld wat ontstaan is en de manier waarop de cliënt het gecreëerd heeft, vormen uitgangspunt voor de verdere begeleiding.

In die verdere begeleiding wordt (meestal) niet verder ingezoomd op de klacht, maar juist dat wat gezond is aangesproken en versterkt. De kunstzinnige oefeningen staan in dienst van het behandeldoel en zijn individueel afgestemd. Kunst als gepersonaliseerd medicijn zou je kunnen zeggen.  Stap voor stap, want er verandert iets van binnen en dat vraagt tijd, komt een ontwikkeling op gang. Een ontwikkeling waarbij de ziekte of klachten als minder zwaar worden ervaren (of zelfs verdwijnen) en er weer gekeken kan worden naar dat wat nog wel kan. Hierdoor komt een stuk levenskracht terug, groeit het zelfvertrouwen, komen cliënten weer in beweging (fysiek, maar zeker ook mentaal en sociaal) en wordt er weer gekeken naar mogelijkheden en kansen wat bijdraagt aan de kwaliteit van leven en zingeving.

Bijzonder is het, elke keer weer, dat het ziek zijn door cliënten ook kan worden gezien als mogelijkheid om te groeien op andere vlakken. Het deels wegvallen van de ene dimensie van gezondheid vraagt van de cliënt het vermogen aan te passen en de regie te blijven voeren over de andere dimensies van gezondheid. De kunstzinnige therapie kan daarbij ondersteunen, waardoor acceptatie kan ontstaan bij de weggevallen dimensie van gezondheid en kracht en vertrouwen geput kan worden uit het aanspreken en versterken van de andere dimensies van gezondheid.

Uiteraard geldt dit hele verhaal over hoe kunst kan bijdragen aan het versterken van gezondheid niet alleen voor de cliënten uit mijn eigen praktijk, maar zeker ook veel de patiënten (en bewoners) in het zieken- en verpleeghuis, zo blijkt elke keer weer uit mijn ervaring. 


Gespreksinstrument Instituut Positieve Gezondheid, versie 1.0, okt. 2016.
Wil je meer lezen over positieve gezondheid, kijk dan op https://ipositivehealth.com/. Op deze website vind je ook het hier boven afgebeelde gespreksinstrument. 


Yvonne Peschier
kunstzinnig vaktherapeut beeldend
www.kunstzinnigetherapie.info 
yvonne@kunstzinnigetherapie.info 

vrijdag 3 november 2017

De kunst van het verwijzen

Niet alle cliënten of patiënten melden zich uit zichzelf aan voor de kunstzinnige therapie. Vaak is er iemand nodig die hen erop wijst. Dat kan een arts zijn of een psycholoog, maar ook een verpleegkundige, leerkracht of iemand in de naaste omgeving. De beste verwijzers zijn vaak de mensen die zelf kunstzinnige therapie hebben gevolgd of dit hebben ervaren in een ervaringsgerichte klinische les of workshop. Met andere woorden: je moet er eens van geproefd hebben!

In het ziekenhuis merk ik dat het aantal verwijzingen sterk kan fluctueren: op verpleegafdelingen waar ik meer zichtbaar ben (omdat ik daar patiënten begeleid) komen er ook meer verwijzingen, waardoor ik op die afdeling dus zichtbaar blijf en vice versa. Ook merk ik dat de meegegeven indicatie sterk kan verschillen: van heel specifiek tot redelijk vaag zoals ‘misschien is het iets’. Door het inlezen in het patiëntendossier en het kennismakingsgesprek met de patiënt kom ik vaak wel op een idee voor een eerste sessie en kan de therapie starten. Gedurende de eerste sessie worden vaak de onderliggende thema’s vanzelf duidelijk en geeft dit aanknopingspunten voor de verdere begeleiding. Uiteindelijk kom je er dus wel, maar met een specifiekere verwijzing kom je er vaak wel sneller.

Gedurende een langere periode heb ik bijgehouden wie er met name verwijzen, welke indicaties meegegeven worden en of de patiënt daadwerkelijk mee wil doen met de kunstzinnige therapie. Studenten verpleegkunde hebben bij de verwijzers onderzocht welke indicaties zij achteraf konden benoemen, dus als de therapie al heeft plaatsgevonden. Hier bleek een significant verschil: vooraf waren de indicaties vaak vaag, terwijl achteraf veel preciezer kon worden benoemd wat het effect was van de therapie. Verwijzers gaven tevens aan behoefte te hebben aan meer informatie over de kunstzinnige therapie.

Onder verpleegkundigen (de belangrijkste verwijzers, bleek uit het onderzoek) werden aandachtsvelders gevraagd: verpleegkundigen die open staan voor de kunstzinnige therapie, nieuwsgierig zijn naar de mogelijkheden en hun enthousiasme kunnen overbrengen op hun collega’s en met name de patiënten. De aandachtsvelders is de mogelijkheid geboden een proefsessie kunstzinnige therapie te volgen, in de veronderstelling dat het zelf ervaren bij kan dragen aan de beeldvorming.

Dit proeven gebeurt ook buiten het ziekenhuis, bijvoorbeeld in mijn eigen atelier/ praktijk. De afgelopen jaren heb ik heel wat (oud-)collega’s (uit het onderwijs of de zorg) in het atelier ontvangen om deel te nemen aan een workshop of cursus. Het effect is vaak verwondering door de kracht van het materiaal en de techniek en de betekenis van het beeld wat ontstaat. Van ‘heerlijk om te doen’ en ‘ik wist niet dat ik dat kon’ tot ‘ik herken mezelf in de manier van werken’ of ‘het beeld toont hoe ik me van binnen voel’. Zelf ben ik vaak verwonderd over de totale stilte die er tijdens het werken is, ondanks de soms best wel grote groepen. Iedereen wordt als het ware in zijn eigen werk gezogen, gaat daar op ontdekkingsreis tussen vorm, kleur en beweging; het kopje thee wordt vaak koud (als men er niet al per ongeluk de penseel in heeft gedoopt) en de tijd wordt vergeten.

Kom ook eens proeven van de kunstzinnige therapie en merk het effect op je beeldvorming als mogelijke verwijzer, maar bovenal: merk hoe het ook je eigen levenskracht aanspreekt en bijdraagt aan je eigen gezondheid. Je kunt immers pas echt iets goed voorschotelen als je er zelf van geproefd hebt!  
Kom ook eens proeven van de kunstzinnige therapie!
Yvonne Peschier
kunstzinnig vaktherapeut beeldend
www.kunstzinnigetherapie.info 
yvonne@kunstzinnigetherapie.info 

zondag 8 oktober 2017

De week van de vaktherapeut



Afgelopen week, van maandag 2 oktober tot en met zondag 8 oktober 2017 was het de week van de vaktherapie. In deze blog geef ik je daarom een inkijkje in mijn werkweek als kunstzinnig vaktherapeut beeldend. Ik hoop dat het je beeld over vaktherapie verruimt!

Maandag 2 oktober, de week van de vaktherapie is begonnen. Eerst met de fiets naar het revalidatiecentrum. Deze ochtend zal ik daar 4 cliënten beeldende vaktherapie geven. Ik start altijd met het klaarzetten van de materialen in de ruimte die ik mag gebruiken. Een lichte ruimte met buitenlicht en wat schilder- en tekenwerk op de wand ter inspiratie en de verbinding met de seizoenen. Op deze locatie werk ik met diverse (geriatrische) doelgroepen: neuro-, oncologische en orthopedische revalidanten, volwassenen met COPD of hartproblemen en ouderen met Parkinson. Na de sessies van vandaag is de opbrengst van de verschillende cliënten: een verbeterde stemming, een verbeterde spraak, een nieuw inzicht en minder spanning. Een mooie opbrengst die ik snel rapporteer voordat ik deze locatie weer voor een weekje gedag zeg. Met de fiets naar de andere kant van de stad naar mijn eigen atelier/ praktijk. De cliënt die was ingepland, is door ziekte uitgevallen, maar ik heb mijn tijd hard nodig om mijn workshop voor de ‘Onderwijsparade’ voor te bereiden. Een workshop over ‘de kunst van het kijken’ voor ouders/ opvoeders. Doordat ik de afgelopen periode er al verschillende malen mijn gedachten over had laten gaan, verloopt deze werkmiddag voorspoedig. Voor ik het weet, is mijn Powerpoint klaar, heb ik gelamineerde kijkkaartjes gemaakt (om mee te geven na de workshop) en heb ik wat promotiemateriaal verzameld, kan altijd van pas komen. Zo’n presentatie kan natuurlijk mensen naar mijn website lokken, bedenk ik me ineens. Mooie reden om daar ook weer eens kritisch naar te kijken en het weer een beetje up-to-date maken. De middag vliegt voorbij.

Dinsdag 3 oktober, vandaag werk ik op twee locaties; ik begin in een multicultureel verpleeghuis voor ouderen met dementie. In dit huis wonen de ouderen per cultuur in dezelfde woongroep, zijn de woongroepen qua inrichting en sfeer zoveel mogelijk cultureel herkenbaar ingericht en is ook het personeel (voor zover mogelijk) van de oorspronkelijke, herkenbare cultuur. In dit huis geef ik therapie in de woonkamer van elke woongroep. Ookal werk ik individueel, de andere bewoners worden automatisch meegenomen in de sfeer van de sessie en kijken vaak belangstellend mee. Soms werkt de bewoner zelfstandig, maar meestal ontstaat het werk door er samen aan te werken of teken of schilder ik voor de bewoners. Dit laatste doe ik als de bewoners er praktisch niet meer uitkomen en het voor de beleving fijner is als ik ze meeneem in de sfeer. De sessies zijn altijd afgestemd op wie ik voor me heb: kijkend naar wie iemand was of (als de voorstelling niet meer herkend wordt) wat iemand nodig heeft qua kleur en vorm. In dit huis heb ik altijd het idee dat ik op reis ben tussen de verschillende culturen, ook deze ochtend heb ik weer een wereldreis gemaakt. De middag ben ik in een verpleeghuis waar mensen wonen die om lichamelijke redenen niet meer thuis kunnen wonen. Ze hebben een eigen kamer met badkamer en maken gebruik van de faciliteiten van het huis: de maaltijden, diverse activiteiten en therapieën. In dit huis bezoek ik verschillende bewoners, meestal word ik gevraagd vanwege stemmingsproblematiek. Verlies van gezondheid, verlies van het zelfstandigheid, verlies van naasten enz. Door het samen tekenen en schilderen krijgt het leven weer kleur, merkt de bewoner dat hij/zij nog wel iets kan en daarin zelfs vooruit kan gaan, kan de bewoner weer een stukje regie pakken en krijgen de gesprekken met de zorg en naasten een positieve wending. Naast de individuele therapieën, waarin ieder ook de kans krijgt de zorgen te uiten, heb ik twee keer per maand ook een groepstherapie ‘De vruchten van het leven’, waarin we samen kijken naar en praten over een kunstwerk en daarbij de link leggen naar het eigen leven. Ik heb hier wel eens eerder over geschreven in een van mijn blogs. Vandaag heb ik de groepstherapie niet, dat scheelt, want ik heb mijn tijd hard nodig voor het voorbereiden van de kunstroute. Ter gelegenheid van het 50-jarig bestaan van het huis, heb ik alle bewoners gevraagd naar een kunstwerk en verhaal. Van borduurwerk tot vakantiesouvenir, van huwelijkscadeau tot zelf gemaakt schilderijtje. Elk kunstwerk staat op de foto en is met het verhaaltje erbij in een lijstje gedaan. Vandaag worden ze opgehangen bij de kamers van de bewoners. Ik ben benieuwd naar de reacties!

Woensdag 4 oktober, vandaag sta ik op de Onderwijsparade, een evenement voor ouders/ opvoeders georganiseerd door de gemeente Rotterdam in samenwerking met onderwijsprofessionals. Nu heb ik, voordat ik fulltime vaktherapeut werd, ruim 13 jaar in het basisonderwijs gewerkt, op verschillende scholen en voor alle groepen. Ik vond dat ik me dus wel kon aanmelden om een workshop te verzorgen over ‘de kunst van het kijken’. Over hoe het kijken naar kunst je kan helpen je waarneming te versterken. Het gaat dus niet om de kunst op zich, maar om het kijken. In mijn opleiding tot vaktherapeut ben ik eindeloos geschoold in het waarnemend vermogen en een aantal jaar geleden heb ik daar bovenop nog een extra scholing gevolgd tot VTS-coach. In de workshop kan ik alles integreren: VTS-coaching, vaktherapie beeldend en mijn onderwijservaring. Wat heb ik een zin in deze dag, want wat is er nou leuker om mensen te enthousiasmeren over dat waar je zelf zo enthousiast over bent?! Nog even een fotootje posten op de sociale media (ook dat hoort bij de ZZP-vaktherapeut) en eens kijken wie er nog meer zijn afgekomen op dit evenement. In de workshop wordt enthousiast meegedaan door de deelnemers. Nog wat onwennig over de methode die ik hanteer (Visual Thinking Strategies), want ik vraag alleen maar door (en onthoud mezelf van elk oordeel of eigen inbreng). Aan het einde van de workshop heb ik een groep enthousiaste ouders voor mijn neus, die zelf met de methode met hun kind aan de slag gaan en hier ook over verder gaan vertellen op de school van hun kind(eren). Ik kom graag langs om het team en/of een oudergroep te enthousiasmeren, dat lijkt me echt fantastisch. Want een verbeterde waarneming levert zoveel op: zowel op het gebied van leerprestaties als in de sociale context. Aan het einde van de ochtend heb ik niet alleen een interessante workshop gegeven (ik stuiter er nog van na), maar ook gesproken met andere onderwijsprofessionals en in die gesprekken zijn weer nieuwe ideeën/ plannen ontstaan. Wat een leuk evenement, wat goed dat de gemeente dit organiseert! Snel door naar mijn eigen praktijk, want vanmiddag verwacht ik nog een paar cliënten. Ik heb een prachtige, ruimte in een voormalig schoolpand met veel licht en uitkijkend op het groen. Iedereen die hier komt voor therapie, een workshop of training voelt zich hier direct op zijn gemak. In mijn praktijk ontvang ik een grote verscheidenheid aan cliënten: alle leeftijden, zowel mannen als vrouwen, van concentratieproblemen tot het niet kunnen ontspannen, van basisschoolkind tot puber, van jong volwassenen tot ouderen. Vaak weet men vooraf niet goed wat met moet verwachten, maar is men achteraf blij verrast en worden soms ook de andere gezinsleden aangemeld. Ik geniet van mijn eigen praktijk. Alle ruimte en vrijheid om de therapie vorm te geven zoals ik dat het best vind passen bij de cliënt die voor me zit. Ik merk dat mijn praktijk flink gegroeid is de laatste jaren, dat geeft best een kick!

Donderdag 5 oktober, vandaag werk ik in het ziekenhuis met oncologiepatiënten. Dit werk doe ik al ruim 7 jaar en nog steeds geeft het me veel voldoening. Het is ontzettend mooi om met kunst iets te kunnen betekenen voor mensen die op zo’n moeilijk punt zitten in hun biografie in een wereld tussen hoop en vrees. Deze mensen maken op mij een diepe indruk en vaak moet ik na een sessie weer even ‘bijkomen’. Ik zie patiënten die net de diagnose hebben gekregen en nog amper (kunnen) beseffen wat hen is overkomen en wat ze te wachten staat. Ik zie patiënten soms maanden achtereen, waarbij ze tussen de chemokuren door vaak maar kort thuis zijn en dan weer met allerlei complicaties worden opgenomen. Ik zie patiënten soms na jaren weer terug, omdat de ziekte weer terug is. Vandaag vind ik in mijn mailbox een aantal mailtjes van nabestaanden. Een weduwnaar vertelt me dat zijn vrouw onlangs is overleden, de rouwkaart is bijgevoegd. Op de rouwkaart zie ik de afbeelding waar ze  met pastelkrijt en –potloden zo enthousiast aan gewerkt had in het ziekenhuis. Ze had genoten van de kunstzinnige therapie; ik ben dankbaar dat ik haar heb mogen begeleiden. De andere mails zijn van nabestaanden die graag een exemplaar van ‘het boek’ willen hebben, ter nagedachtenis. In het boek vertellen patiënten met kanker in woord en beeld hun ervaring met kunstzinnige therapie. Het is een prachtige bundel geworden met, naast ervaringen van patiënten, ook ervaringen van artsen, verpleegkundigen en anderen. In augustus hebben we het gepresenteerd en, dankzij financiële steun, kan het boek geschonken worden aan patiënten en hun naasten. Goh, dat een deel van mijn werkzaamheden zou bestaan uit contact met nabestaanden, dat had ik niet gedacht toen ik hier begon met werken… Uiteraard bezoek ik vandaag ook patiënten om samen te schilderen of tekenen. Als ze te moe/ te ziek zijn kan het ook voorschilderen zijn of alleen een praatje. Soms hang ik wat teken- of schilderwerk aan de muur, leuk om naar te kijken vanuit bed. Tussendoor loop ik nog even bij een collega binnen, zij heeft onlangs het boek gelezen en vindt dat het niet bij een boek moet blijven. “Deze ervaringen verdienen het om tentoongesteld te worden,” zei ze enthousiast. Dat zou ik ook wel willen, evenals een tweede druk van het boek die ik ook te koop mag aanbieden. Naast het geven van kunstzinnige therapie, ben ik in het ziekenhuis ook altijd bezig met een  stukje ondernemen. Samen met mijn collega van de muziektherapie; we bundelen onze krachten en zetten samen de vaktherapie in het ziekenhuis steeds beter op de kaart. Na deze werkdag ontmoet ik op het Centraal Station een docent van de opleiding verpleegkunde. Een aantal jaren geleden hebben wij elkaar (via studenten die onderzoek deden naar verwijzingen kunstzinnige therapie in het ziekenhuis) leren kennen en sindsdien ben ik als gastdocent betrokken bij een aantal vakken. Het vak ‘zelfzorg’ in de minor Oncologie en vanaf dit collegejaar ook het hogeschoolbreed keuzevak ‘kunst als medicijn’. Vandaag gaan we samen naar een symposium in het kader van ‘de week van de vaktherapie’. Een avondvullend programma ligt voor ons met presentaties over waar vaktherapie nu staat en de onderzoeksagenda voor de komende jaren, heel indrukwekkend! Daarnaast worden nog meer onderzoeken gepresenteerd. Geïnspireerd reis ik weer naar huis en surf ik nog een beetje op sociale media of ik nog iets interessants tegenkom over vaktherapie. En ja hoor, een artikel over burn-out is vandaag gepost. Voor dat artikel was ik enige tijd geleden geïnterviewd. Leuk dat het precies nu, in de week van de vaktherapie, is verschenen. Uiteraard deel ik het direct verder.

Vrijdag 6 oktober, de hele dag werk ik in het ziekenhuis, ik hoef me vandaag niet te verplaatsen of om te schakelen naar een andere doelgroep. Ook wel eens fijn, bedenk ik me. Vooraf weet ik nooit hoe de dag zal lopen, uiteraard maak ik afspraken met patiënten, maar in het ziekenhuis kan er altijd iets tussenkomen. Soms is de patiënt ineens te ziek, soms moet er acuut een onderzoek plaatsvinden en het komt ook voor dat een patiënt ineens eerder dan verwacht naar huis mag dan gedacht. Aan het eind van deze dag heb ik diverse sessies gevuld met pasteltekenen, nat-in-nat-schilderen, gedichten/ teksten schrijven  en praatjes met patiënten. De dag vliegt voorbij en ik besluit een aantal taken op mijn ‘to-lijstje’ te zetten voor de volgende week. Alleen een facebookberichtje plaats ik nog even snel; over een borstkankerevenement waar ik (namens ons team Welzijn & Ontspanning) een kunstzinnige workshop zal verzorgen, dat kan niet wachten. Wil je meer weten over deze bijzondere werkplek, dan raad ik je aan het boek ‘Voor even weer gezond, gedichten en verhalen geïnspireerd op ontmoetingen met patiënten met kanker’ te lezen. Dit boek is wel gewoon verkrijgbaar in verkoopversie.

Zaterdag 7 oktober, vandaag is de open dag in het verpleeghuis waar ik op dinsdagmiddag werkzaam ben. Samen met de muziektherapeut vullen we een woonkamer met vaktherapie. De muziektherapeut heeft haar instrumenten uitgestald en ik heb een tafel vol met kunst: van mooie afbeeldingen tot divers schilder- en tekenmateriaal en natuurlijk een inkijkje in het groepsprogramma ‘Vruchten van het leven’. Diverse bewoners komen langs soms samen met hun familie. Ook mensen van buitenaf komen een kijkje nemen. Trots hoor ik de teamleider vertellen over de vaktherapie. Wou, dat hebben we toch maar mooi op de kaart gezet in dit huis! Thuis werk ik nog even aan een facebookpost van het kennisnetwerk waar ik in zit. Het is het kennisnetwerk vaktherapie en oncologie. Juist in deze week, de week van de vaktherapie, vind ik dat we onszelf even goed in beeld mogen brengen. Wie zijn nou de vaktherapeuten die het kennisnetwerk vormen? De post wordt direct gezien, leuk gevonden en verder gedeeld. Super, zo zetten we samen vaktherapie in het oncologisch werkveld op de kaart!

Zondag 8 oktober, de laatste dag van ‘de week van de vaktherapie’. Een dag waarop ik mijn hele week in woorden probeer te vangen, met een terugblik en een vooruitblik. Wat een afwisselende week en wat heb ik veel gewerkt! Gelukkig is niet elke week zo intensief, maar als vaktherapeut is het wel vaak afwisselend. Vrijwel nooit werk je ergens fulltime op één plek in één team. Deze afwisseling maakt het intensief, maar ook uitdagend; steeds kan ik me weer ergens fris aan verbinden en laat ik het ook weer los als mijn werk op die plek erop zit. Ik kijk alvast vooruit, maak mijn to-do-lijst (voor mijn niet-loondienstwerk) voor komende week: uitwerken gastcolleges hogeschool, inplannen workshops atelier en belangstellenden hierover informeren, een start maken met de Btw-aangifte, een projectvoorstel uitwerken voor een instelling die mij benaderd heeft, ateliermaterialen checken en evt. inkopen om aan te vullen, nog wat sociale media berichten inplannen ook voor het kennisnetwerk en dan zal er vast nog wel wat bijkomen, maar dat zie ik dan wel. 

De week van de vaktherapie voor deze vaktherapeut zit erop, ik hoop dat het je beeld over vaktherapie heeft verruimd!

Yvonne Peschier
kunstzinnig vaktherapeut beeldend
www.kunstzinnigetherapie.info 
yvonne@kunstzinnigetherapie.info 





woensdag 30 augustus 2017

De kunst van het concentreren

De boeken zijn gekaft, de agenda is nog vrijwel leeg; het nieuwe schooljaar is begonnen. Het is altijd weer even inkomen na zo’n lange zomervakantie waarin niets moet en alles mag. Waar voor de een het nieuwe schooljaar vol zit met uitdagingen van nieuwe leerstof, wordt het voor de ander een uitdaging vooral het hoofd boven water te houden met de grote hoeveelheid huiswerk. Veel scholieren kampen met concentratieproblemen, maar daar is wat aan te doen.

In mijn praktijk begeleid ik naast volwassenen en basisschoolkinderen ook scholieren en jongeren. In deze levensfase speelt het meedoen een grote rol: sociale contacten, erbij horen, steun van anderen, samen leuke dingen doen, maar ook zorg voor de ander. Zo maakte een middelbare scholiere zich ontzettend veel zorgen om een goede vriendin die leed aan een ernstige ziekte. De zorgen hadden grote invloed op haar dagelijkse leven: ze sliep slecht, zat niet lekker in haar vel, had moeite met concentreren, moeite met hulp vragen en ze had moeite het overzicht te houden over haar agenda.

In de therapie hebben we eerst ingespeeld op het ontspannen: het hoofd leegmaken door al tekenend en schilderend vooral in de sfeer te blijven, met mooie, fijne kleuren, een rustige penseelstreek en lettend op de ademhaling. Als het werk af was, bekeken we het vaak van verschillende kanten en bespraken we of dat juist wel of niet fijn voelde en waar dit dan aan lag. Met de tips voor thuis ging ze wisselend aan de slag: soms met veel enthousiasme, de andere keer vergat ze de tips toe te passen.

Na verloop van tijd kon ze de zorgen iets meer van zich afzetten en konden we de stap maken naar het waarnemend tekenen. Ze koos een afbeelding die ze mooi vond en die nog redelijk overzichtelijk was. Stap voor stap tekenden we de afbeelding na, werkend vanuit het geheel met grote kleurvlakken naar meer details en vorm. Door deze manier konden we overzicht houden over het geheel, daarbij steeds afstand nemen en alle details plaatsen in de context van het groter geheel. We hebben meerdere keren aan de tekening gewerkt, waardoor ze ervaren heeft dat iets niet in één keer af moet zijn en dat je (als je weer fris kijkt) soms ineens ziet wat er moet gebeuren. Ze heeft toen ook het natekenen thuis uitgeprobeerd.

Tot slot zijn we aan de slag gegaan met geometrisch tekenen. Wiskundige (ze had overigens een hekel aan wiskunde) vormen verschenen op het papier met behulp van een passer, geodriehoek, liniaal en diverse tekenmaterialen. We bouwden de figuren op in moeilijkheidsgraad, moesten steeds goed kijken of het nog klopte en konden na afloop als beloning het geheel (op geordende wijze) kleur geven en er zo kunstwerkjes van maken. Ze raakte ontzettend enthousiast en ging ook thuis (en soms ook tijdens de les op school) geometrisch tekenen. We bespraken op welke momenten ze het beste de oefeningen kon inzetten: voorafgaand en tussen het huiswerk maken door en steeds beperkt qua tijd; ze zette daarvoor een timer in. Ze leerde te voelen wanneer haar concentratie afnam, zette dan de oefeningen in en pakte daarna het leerwerk weer op. Vol trots liet ze de geometrische kunstwerken zien die ze thuis had gemaakt.

De laatste sessies van het traject hebben we de frequentie afgebouwd en niet meer wekelijks afgesproken. Ook gaf ik haar de opdracht na te denken in hoeverre ze mij nog nodig had. In de sessies hebben we een start gemaakt met het tekenen van een Keltisch vlechtwerk; ze vond het leuk het voorbeeld te ontwarren en stapje voor stapje haar eigen vlechtwerk te creëren. De laatste keer kwam ze vol vertrouwen en met een stralende lach mijn atelier binnen, ze was er klaar voor af te ronden: ze maakte zich minder zorgen, had een betere concentratie en dit werd bevestigd door de goede cijfers van de laatste proefwerkweek. Vol vertrouwen kon ze nu haar eigen therapeut zijn als het nodig was: schilderen bij zorgen, waarnemend tekenen om afstand te nemen en overzicht te houden en natuurlijk het geometrisch tekenen om haar concentratie te stimuleren.

En zorgzaam als ze was, heeft ze zelfs verschillende klasgenoten kunstzinnige therapie aangeraden. De kracht zit ‘m wat haar betreft in de creatieve insteek en de individuele benadering. Dus beste ouders en docenten van scholieren, denk eens aan kunstzinnige therapie als je je zorgen maakt om een leerling. Vaak betaalt de aanvullende zorgverzekering daar ook nog een stukje in mee. 


Geometrisch tekenen: ordenen, structureren, overzicht houden;
ook concentreren kun je leren! 
Meer informatie en aanmelden: www.kunstzinnigetherapie.info
Praktijk 'Kunstzinnige Therapie Yvonne Peschier'